Internationale reizen gaan gepaard met een aantal specifieke gezondheidsrisico’s. Daarom raadt men aan om voor vertrek medisch advies in te winnen. Tijdens een reisconsult worden de relevante vaccins toegediend en worden belangrijke gezondheidsrisico’s, zoals malaria en diarree, besproken. Deze aandoeningen zijn echter voor niet meer dan een procent van de overlijdens in het buitenland verantwoordelijk. Volgens internationale organisaties moeten dan ook nog een heel aantal andere gezondheidsrisico’s besproken worden in een reisconsult, zoals bijvoorbeeld seksueel risico en hoogteziekte. Het probleem is echter dat er weinig gegevens zijn over deze risico’s.
Om de wetenschappelijke basis van het medisch reisadvies te verhogen werden vijf prospectieve observationele cohort studies uitgevoerd in reisklinieken in België en/of Nederland, een systematisch literatuuronderzoek en een prospectieve observationele pilootstudie bij beklimmers van de Kilimanjaro in Tanzania.
De eerste studie toonde dat vijf procent (4.7%) van de reiskliniek bezoekers tijdens een reis van gemiddeld twee weken seks had met een nieuwe partner, meestal onverwacht en vaak onbeschermd. Onafhankelijke predictoren waren reizen zonder vaste partner (OR 14.4), de verwachting op seks (OR 9.2), losse seksuele contacten in eigen land (OR 2.4), niet-toeristische reizen (OR 2.2), mannelijk geslacht (OR 2.1), reisbestemming in Midden of Zuid Amerika (OR 2,0) en het lezen van de informatie over soa, seksueel overdraagbare aandoeningen, (OR 2.0). Onafhankelijke predictoren voor het gebruik van condooms waren het meenemen van condooms (OR 5.4) en het lezen van de soa informatie in de brochure (OR 3.3). Uit vervolgonderzoek bleek dat seksueel risico meestal niet besproken wordt in een standaard reisconsult, maar dat de helft van de reiskliniek bezoekers wel de informatie hierover in de ontvangen gezondheidsbrochure leest. Het literatuuronderzoek toonde bovendien aan dat er geen betrouwbare gegevens zijn over het effect van het bespreken van het soa risico tijdens een standaard reisconsult. Wel bleek dat motiverende gespreksvoering, een techniek die zijn waarde heeft bewezen in soa klinieken, bij reizigers niet effectiever is dan standaard advies.
De eerste studie in verband met hoogteziekte toonde dat een kwart (25%) van de reiskliniek bezoekers die boven 2500 m verbleven symptomen van hoogteziekte hadden. De meerderheid (88%) had de ontvangen informatie over hoogteziekte gelezen en begrepen. Uit de tweede studie bleek dat ruim een derde (35%) van de reiskliniek bezoekers die boven 3000 m verbleven, symptomen van ernstige hoogteziekte vertoonde. Onafhankelijke predictoren hiervoor waren reizen in Zuid-Amerika en Afrika (OR 3.9), een gebrek aan acclimatisatienachten op matige hoogte (OR 2.0), abnormaal donkere urine op hoogte (OR 2.0) en een jonge leeftijd (OR 1.02/jaar). Ondanks het feit dat ernstige hoogteziekte snel tot de dood kan leiden, werden de aanbevelingen over preventie en behandeling ervan slecht opgevolgd. De pilootstudie bij internationale Kilimanjaro klimmers toonde dat reizigers zelfs niet altijd voorgelicht worden over hoogteziekte; driekwart van deze groep had wel een reiskliniek of huisarts bezocht voor reisadvies, maar de helft van hen had hierbij geen gedetailleerd advies over hoogteziekte gekregen. Degenen die dit wel hadden gekregen, werden significant minder vaak geconfronteerd met ernstige hoogteziekte.
Kortom, dit proefschrift toont aan dat seksueel risicogedrag en hoogteziekte vaak voorkomen bij bepaalde bezoekers van reisklinieken, maar dat deze risico’s niet altijd besproken worden. Er blijkt een significante relatie te zijn tussen specifiek reisadvies en het voorkomen van respectievelijk seksueel risico gedrag en hoogteziekte. Verder onderzoek is echter nodig om een oorzakelijk verband vast te stellen.
Original languageEnglish
Place of PublicationAntwerpen
Publisher
  • Universiteit Antwerpen. Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen
StatePublished - 2016

    Research areas

  • B780-tropical-medicine

ID: 1620335